Een molen voor wol
De Volmolen werd in 1645 gebouwd als watermolen voor de textielindustrie. Hier werd wol bewerkt tot stevig laken – een stof die veel werd gebruikt voor kleding. Het proces dat hier plaatsvond, heet “vollen”. Geweven wol werk gekneed met water, zand en andere middelen. De vezels kwamen hierdoor dichter op elkaar te liggen. De stof werd daardoor sterker en waterafstotend.
Voordat er molens waren, gebeurde dit werk volledig met de hand. Zogenoemde voetvollers stonden urenlang in kuipen met natte wol om het materiaal met hun voeten te kneden. Dat was zwaar en tijdrovend werk. De Volmolen maakte het proces een stuk efficiënter: met behulp van waterkracht stampte een mechanisme van houten hamers de wol automatisch.
Het gebouw werd bewust net buiten de stadsmuur gebouwd. Dat kwam omdat tijdens het vollen urine gebruikt werd. Dat ruikt natuurlijk niet lekker en was niet wenselijk voor de omringende bewoners. Door de Volmolen buiten de stad te plaatsen, bleef de overlast beperkt.
amersfoort textielstad
De Volmolen was niet de enige belangrijke plek voor de Amersfoortse textielindustrie. In de 17e eeuw werd er ijverig gewerkt: wolbewerking, weverijen en later ook katoendrukkerijenzorgden voor werkgelegenheid en handel. Het gebied rond de Koppelpoort en de Eem was hiervoor ideaal. Water speelde namelijk een belangrijke rol in de productie van textiel. Niet alleen voor het aandrijven van molens, maar ook voor het wassen en bewerken van stoffen.
Rond 1700 werd het produceren van laken steeds duurder. Veel textielbedrijven verhuisden daarom naar het platteland, waar de kosten lager waren. Ook de Volmolen verloor hierdoor haar oorspronkelijke functie.

De kunst van herbestemming
Ondanks dat de molen zijn rol in de textielindustrie verloor, bleef het gebouw bestaan. In de loop van de tijd kreeg het allerlei nieuwe rollen. Zo diende het pand onder andere als timmerwerkplaats, opslagplaats voor kolen en zelfs als noodwoning.
In de negentiende eeuw werd het gebouw aangepast. Bij de restauratie van de Koppelpoort in 1886 werd een deel van de Volmolen verwijderd die tegen de poort aan stond. In dat gedeelte bevonden zich waarschijnlijk het waterrad en de kantoren van de molen.
De Katoendrukkerij
Als je nu naar de Volmolen gaat, ontdek je opnieuw creativiteit. Sinds 2020 is hier De Katoendrukkerij gevestigd, een ambachtelijke werkplaats waar bezoekers kunnen kennismaken met het eeuwenoude vak van katoendrukken.
Met handgesneden houten blokken worden patronen op textiel gedrukt: een techniek die al eeuwen wordt gebruikt. Het is zelfs de oudste druktechniek. In De Katoendrukkerij hebben ze ongeveer 1000 houten drukblokken waarmee wordt gewerkt. De huidige functie van de Volmolen sluit dus ontzettend goed aan bij het verleden van de plek. Waar vroeger lakens werden gemaakt, worden nu ‘lakens’ versierd.
Dit artikel is geschreven door Femke van Dinther.
Wil je de Volmolen en de rijke geschiedenis zelf ontdekken? Neem dan een kijkje!
De Katoendrukkerij is geopend van vrijdag t/m zondag van 10.00 tot 17.00 uur.
Textiel speelde vroeger een belangrijke economische rol in Amersfoort. De stad ademde wol, weverijen en handel. Lees meer verhalen over het textielverleden van Amersfoort en de toekomstige textielmakers!